Vakdidactische kennisbank - Intro


Nieuw (december 2016):
Uitdagende groepsopdrachten over het ontstaan van de Nederlandse parlementaire democratie en rechtsstaat

Meer uitdaging in de geschiedenisles
Zelfs in het HAVO en VWO worden meer begaafde leerlingen niet altijd voldoende uitgedaagd en gemotiveerd, wat kan resulteren in ‘onderpresteren’. Om leerlingen binnen de klas meer uitdaging te bieden en ook  zwakkere leerlingen mee te laten profiteren kan de reguliere lesstof verrijkt worden met uitdagende groepsopdrachten. Met NWO-subsidie is in de periode 2013 tot en met 2015 een onderzoeksproject uitgevoerd waarin de onderzoekers samen met geschiedenisleraren een verrijkingsprogramma hebben ontwikkeld voor 5 VWO. Dit onderzoeksproject is uitgevoerd door Jaap Schuitema,  Sonia Palha, Carla van Boxtel en Thea Peetsma (Universiteit van Amsterdam).
In samenwerking met docenten zijn bij het thema  ‘Ontwikkeling van de Nederlandse parlementaire democratie en rechtsstaat’ opdrachten ontwikkeld die docenten integreerden in hun reguliere lessenreeks. Om de motivatie en het historisch redeneren te bevorderen is gewerkt vanuit ontwerpregels die gebaseerd zijn op de zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan en onderzoeksliteratuur over historisch denken en redeneren. De opdrachten:

  • zetten aan tot verwerking van de kern van de leerstof (centrale begrippen/ feiten uit het examenprogramma) en historisch denken en redeneren
  • gaan uit van een open probleem of onderzoeksvraag: er zijn  meerdere oplossingen of antwoorden en aanpakken mogelijk
  • maken de leerstof betekenisvol:  door aan te sluiten bij perspectieven,  ervaringen of interesses van leerlingen; leerlingen mogen bijvoorbeeld hun eigen mening geven of het probleem bestaat (ook) in het heden
  • ondersteunen een gevoel van autonomie: er is eigen initiatief en keuze mogelijk
  • zijn geschikt voor samenwerkend leren (in drietallen): er wordt een gemeenschappelijk product  gevraagd.

De opdrachten
De opdrachten zijn ontwikkeld voor het werken in drietallen.  Elke opdracht is in een meer en minder gestructureerde versie beschikbaar. In de minder gestructureerde versie (versie A) wordt duidelijk aangegeven wat leerlingen aan gezamenlijk product moeten opleveren, maar kunnen leerlingen zelf bepalen hoe ze de uitvoering van de taak aanpakken en de taken verdelen. In de meer gestructureerde versie (versie B) is de opdracht uitgewerkt in substappen en wordt aangegeven hoe de taken in het drietal verdeeld kunnen worden. Bij elke opdracht is een beknopte docentenhandleiding beschikbaar die handreikingen biedt voor de organisatie, begeleiding en nabespreking. Voor het maken van de opdracht is aanvullende informatie beschikbaar en dienen leerlingen daarnaast gebruik te maken van de informatie in hun schoolboek. Bij elke opdracht is een korte powerpoint gemaakt die bij de introductie van de opdracht kan worden gebruikt. 

De volgende opdrachten zijn beschikbaar:
-
Staat en burger: idealen uit de Verlichting
(handleidingopdracht open, opdracht gestructureerd, antwoordblad, bijlage 1 bijlage 2)
-Fundamenten van de Nederlandse democratie

-Diner 1900

-Opkomst NSB
- Tegen het gezag

Betere leerresultaten
Het effect van de ontworpen lessen op de motivatie en leerprestaties van  leerlingen werd onderzocht in een quasi-experimentele studie met een voor- en nameting. Er deden  24 geschiedenisklassen (518 leerlingen) mee aan het onderzoek. In de experimentele condities werd, gedurende een periode van acht tot tien weken, meer dan de helft van de lessen vervangen door de groepsopdrachten. Op basis van een intelligentietest werden leerlingen met een hoog cognitief vermogen 
geïdentificeerd en homogene en heterogene groepjes van drie samengesteld. De opdrachten zijn in een meer en minder gestructureerde versie uitgewerkt.
Uit het onderzoek bleek dat het verrijken van de reguliere lessenreeks met de groepsopdrachten een positief effect had op leerprestaties van leerlingen. Leerlingen die de groepsopdrachten hadden gemaakt scoorden beter op de in het onderzoek ontwikkelde toets (onderdeel van PTA) over de ontwikkeling van de Nederlandse democratie en rechtsstaat dan leerlingen die deze opdrachten niet hadden gemaakt. De grootste leereffecten werden gevonden voor leerlingen met een hoog cognitief vermogen die zelf aangaven onder te presteren. De groepsopdrachten hadden geen effect op de motivatie van leerlingen. Ook in de controlegroepen waren leerlingen redelijk gemotiveerd. De mate van structuur in de opdracht en de groepssamenstelling bleken geen  invloed te hebben op de motivatie en leerprestaties van leerlingen.


Met dank
aan de geschiedenisleraren die een belangrijke bijdrage leverden aan het ontwikkelen van de opdrachten en aan het onderzoek: Renee Beukers, Ernest Gorissen, Mark Hagenaars, Rob Lucas, Erik Saffrie, Wieke Schrover,  Daan Schuijt, Marianne Stam-Smit, Maarten Strijbosch, Ton Teunissen, Esther Vermeulen en  Kees Weltevrede.